Vlaai met bosvruchtenmousse

vlaai met bosvruchtenmousse

Het mag dan wel herfst zijn, bosvruchten gaan er bij mij altijd wel in. Je hoeft voor deze vlaai geen verse vruchten te gebruiken, ideaal dus als je het hele jaar door van die heerlijke smaak wil kunnen genieten!

Je kan in dit recept de bosvruchten ook prima vervangen door andere vruchten, bijvoorbeeld aardbeien.

Ingrediënten

Vlaaibodem

  • 100 ml melk
  • zakje gedroogde gist (7 gram)
  • 1 ei
  • 30 gram suiker
  • 30 gram roomboter (in kleine blokjes)
  • 200 gram bloem
  • mespuntje zout

Banketbakkersroom

  • 250 ml melk
  • 1 vanillestokje of 1/2 theelepel vanille aroma
  • 2 eidooiers
  • 20 gram maizena
  • 50 gram suiker

Bosvruchtenmousse

  • 250 ml slagroom
  • 1 zakje klopfix
  • 250 gram bosvruchten
  • 1 eetlepel citroensap
  • 3 blaadjes gelatine
  • 100 gram suiker

Versiering

  • 250 ml slagroom
  • 1 zakje klopfix

Bereiding

Stap 1 – Maak de vlaaibodem

Verwarm de melk kort zodat deze een beetje lauw is. Voeg de gist toe aan de lauwe melk. Doe de bloem in een kom en maak een kuiltje in het midden. Voeg het zout toe aan de buitenronde van de bloem (zodat deze niet meteen in aanraking komt met het gist). Doe de melk met gist, de suiker, roomboter en het ei in het kuiltje van de bloem. Kneed vervolgens tot een soepel deeg. Dit kan je met de hand doen, je kan ook een keukenmachine met menghaak gebruiken. Als het deeg te nat blijft kan je nog een beetje extra bloem toevoegen. Doe de deegbal vervolgens in een kom en dek deze af met een stuk vershoudfolie. Zet de kom 30 minuten op een warme plek (bijvoorbeeld op 40°C in de oven of boven de verwarming). Het deeg zal dan verdubbelen in formaat.

Stap 2 – Maak de Banketbakkersroom

Breng de melk samen met de vanille aan de kook. Maak ondertussen een papje van de eidooiers, suiker en maizena. Als de melk kookt giet je een klein beetje van de melk bij het papje. Je roert dit even goed door en doet vervolgens alles terug in de pan. Laat het mengsel nog heel even koken zodat het een in gaat dikken. Zodra de banketbakkersroom dik genoeg is haal je hem van het vuur. Doe de de banketbakkersroom in een kom en dek goed af met huishoudfolie. Zorg dat de huishoudfolie een laagje vormt over de banketbakkersroom, dit voorkomt velvorming. Laat de room op deze manier afkoelen.

Stap 3 – Uitrollen, vullen en bakken

Verwarm de oven voor op 190°C. Vet de bakvorm in.

Bestuif je werkblad met bloem en leg hier je vlaaideeg op. Rol het deeg vervolgens uit met de deegroller. Draai het deeg regelmatig een kwartslag tijdens het uitrollen zodat het mooi egaal uitrolt. Als het deeg groot genoeg is om de bodem en de randen van je bakvorm te bedekken sla je het deeg over je arm of deegroller en leg je hem in de bakvorm. Rol met de deegvorm een keer over de rand van de bakvorm om overtollig deeg te verwijderen (dit kan je nog gebruiken om een kleine vlaai te maken). Prik met een vorm wat gaatjes in de bodem. Verdeel dan de banketbakkersroom egaal over de vlaaibodem en zet de vlaai 20 minuten in de oven.

Stap 4 – Maak de bosvruchtenmousse

Doe de gelatine met een paar eetlepels water in een bakje en laat dit even staan. Pureer ondertussen de bosvruchten en meng deze met de citroensap en de suiker. Verwarm een klein beetje water. Knijp de gelatine blaadjes uit en los ze één voor één op in het warme water, roer goed door. Laat dit kort afkoelen, meng het met de bosvruchtenpuree en zet dit dan 15 minuten in de koelkast. Klop ondertussen de slagroom met de klopfix stijf. Spatel de slagroom door de bosvruchtenpuree. Verdeel deze bosvruchtenmousse vervolgens egaal over de vlaaibodem met banketbakkersroom.

Stap 6 – Versier de taart

Klop de slagroom stijf met de klopfix. Vul een spuitzak met spuitmondje met de slagroom en spuit mooie toeven op de rand van de vlaai.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *